Hoe kan een uit Zuid-Amerika afkomstige knol in de Lage Landen in de achttiende en negentiende eeuw leiden tot een enorme bevolkingsgroei? Alleen al in Friesland verdubbelde de bevolking in bijna honderd jaar tijd. Een hoge voedingswaarde, een relatief grote opbrengst per hectare en een einde aan de voedseltekorten tijdens strenge winters speelden een sterke rol. Totdat het mis ging met diezelfde aardappel.




