De stormvloed van 1825 voedde de behoefte aan een sterkere zeewering en beter waterbeheer in Fryslân. Het provinciebestuur ging zich na de ramp meer bemoeien met de loop van het water en zag de oplossing vooral in de inpoldering van onbedijkt land. Deze ambitie leefde al sterk in de achttiende eeuw. Ruim 100.000 hectare land werd bedijkt, al zou water Fryslâns geduchtste vijand blijven. Mark Raat schrijft over het eeuwenoude Friese polderideaal en de locatie die als mijlpaal deze ambitie symboliseert: het Ir. D.F. Woudagemaal in Lemmer.




