Ankeiler 4 Paard en Miedemawagen
In dit nummer: Fryslân 2024-5

Waar blijft het nieuwe standaardwerk?

Geschiedenis van de Friese landbouw (1952) van J.J. Spahr van der Hoek en Obe Postma geldt 72 jaar na verschijning nog steeds als hèt standaardwerk van de Friese landbouwgeschiedenis. De wereld stond intussen niet stil en sindsdien is veel onderzocht en gepubliceerd, maar een nieuwe totaalstudie kwam er niet. Wordt het daar niet tijd voor? Een pleidooi van oud-directeur van het Fries Landbouwmuseum Henk Dijkstra, die op verzoek van Fryslân zijn landbouwboekenkast op de kop zette.
Ankeiler 3 Spahr van der Hoek
In dit nummer: Fryslân 2024-5

‘Artyst yn syn wittenskiplik wurk’

Historicus Johan Jacob Spahr van der Hoek (1915-1996) hield als wetenschapper altijd oog voor de kleine dingen die voor de geschiedenis zo belangrijk zijn. Op een zeer persoonlijke, creatieve en speelse manier schreef ‘Spahr’ over het verleden, over mensen die hij gekend had en over kunst. Hij was een echte observator die goed kon samenwerken met anderen. Een van die anderen met wie hij samen publiceerde was Obe Postma.
Ankeiler 2 Obe
In dit nummer: Fryslân 2024-5

Obe Postma: veel meer dan een dichter

Obe Postma (1868-1963) was de dichter van het Friese land, het Friese leven en de Friese ziel. Maar hij was zoveel meer dan dat: hij was een veelzijdig wetenschapper die veel publiceerde over natuur- en sterrenkunde, filosofie, geschiedenis en landbouw, zo betoogt Rimmer Mulder namens het Obe Postma Selskip. In een special van enkele artikelen van onder andere Goffe Jensma richten we ons op deze kant van Postma. Meer specifiek nog: op de landbouw- en landschapshistoricus. Hoe relevant is zijn werk nog vandaag de dag?
Ankeiler 1 Ja ik wil
In dit nummer: Fryslân 2024-5

Trouwjurken als spiegel van de tijd

De geschiedenis van de Nederlandse trouwjurk staat centraal in de tentoonstelling Ja, ik wil. 250 jaar trouwjurken die onlangs opende in het Fries Museum en nog tot en met 16 februari te zien zal zijn. Samensteller van de tentoonstelling Eveline Holsappel belicht in dit nummer drie kleurrijke trouwjurken in de expositie van Friezinnen die leefden in verschillende tijdperken en waarvan hun trouwjurken spreken.